Close

Doolhof voor licht

“Licht gaat in rechte lijnen”. “Stralen gaan rechtdoor, en  breken bij een oppervlak”.  Deze wetenswaardigheden over licht zijn een algemeen bekend feit.  Maar is het hele verhaal? Waarom dan is de lucht blauw, en een glas melk wit?  En waarom is verf zelfs stralend wit als je maar een heel dun laagje op de muur smeert, terwijl je door dezelfde dikte melk nog makkelijk heen kunt kijken?  Waarom is trouwens water doorzichtig, maar als het als vlokjes uit de hemel komt sneeuwwit? De werkelijkheid voor licht is dat licht alleen in rechte lijnen gaat en lichtjes van richting afbuigt als het door media gaat die bijna geheel leeg zijn (lucht),  of heel homogeen materiaal (glas, water). Zodra je echter materialen door elkaar gooit en wanordelijke mengsels en poeders maakt, zoals bijvoorbeeld van verfpigment, of in het geval van vetbolletjes die in de melk zweven, wordt licht aan elke inhomogeniteit verstrooid.  Wat is verstrooiing nu precies? Waarom lijkt iets wit als licht er veelvuldig en willekeurig verstrooid wordt, als in een wanordelijk doolhof?  Hoe is het mogelijk dat collega’s van de Universiteit Twente en het FOM Instituut AMOLF er onlangs in geslaagd zijn toch dwars door iets heen te kijken dat toch wanordelijk, knalwit en ondoorzichtig is?

Over de spreker